| Senegal |
|
|
21 en 22 november 2009 We rijden verder Senegal in op weg naar de camping (Zebrabar) onderweg natuurlijk nog 2 x keer staande gehouden met de vraag waar gaan jullie heen en het nakijken van de verzekeringspapieren. Aangekomen op de camping drinken we een heerlijk koude cola. Deze avond gaan we niet koken en eten buiten op het terras aan het water rijst met vis en een heerlijk toetje. de komende twee dagen blijven we heerlijk hier staan, doen wat boodschappen op de lokale markt en gaan lekker relaxen. Lopen door het dorp en gaan even kort kijken bij een plaatselijke voetbal wedstrijd. In de avond komt een hele groep (17 auto's) Nederlanders aan (Dakar Challenge) auto's die ze naar Gambia brengen. Morgen reizen we verder richting Dakar.
23 november 2009 Vandaag richting Dakar niet zoveel kilometers, maar het doel is om naar de luchthaven te gaan zodat Gerrit zijn filter kan halen en Mark de dynamo. Ian de Ier rijdt op de motor met ons mee gezien hij zijn vanuit Dakar zijn motor terug wil laten vliegen. Maar voordat we in Dakar aankomen moeten we eerst door de chaos van de stad.
Ja, ook in Senegal weten ze wat file is. Langzaam vooruit, de ramen open, want het is inmiddels 36 graden, maar dan die stank van al die auto's. Okay, je moet er wat voor over hebben:-) Verder veel verkopers langs de weg die van alles aan je kwijt willen en als je dan netjes zegt dat je niets wilt, gaan ze weg. Geen probleem, dus is het gewoon leuk. Wel kopen we wat mandarijntjes van iemand voor de dorst. Zo vanuit je autoraam dat is handig:-). Dan begint de motor van Ian zijn motorfiets te haperen. regelmatig kookt deze over van de hitte. Met regelmatige tussenstops, laveren we ons door de chaos. Eén keer moet water bijgetankt worden bij Ian. Mark, Ian en 10 senegalesen tillen de motor op de stoep, vullen 'm bij en we vervolgen al 'merci' en 'bon voyage' snel onze weg. Uiteindelijk doen we twee uur over 4 km. Wat een leuke chaos :-) We hebben met z'n allen afgesproken dat we naar een Auberge dicht bij het vliegveld zouden gaan en deze is dan ook snel gevonden. Jorina en ik zijn druk de site aan het bijwerken terwijl de mannen naar het vliegveld vertrekken om te kijken of de spullen zijn aangekomen. De spullen voor Gerrit zijn binnen, voor Mark moet nog een nummer vanuit Nederland worden gestuurd. Intussen gaat Mark als vertaler mee met Gerrit. Na 2 uur en 7 loketten en een paar standaard steekpenningen, kan Gerrit bijna het pakketje in ontvangst nemen. De man die hun hielp houdt het nog even onder zijn arm vast en wenkt hen achter de auto. Daar komt hij met vrienden vragen om geld voor de bewezen diensten. Eerlijk gezegd, zonder het mannetje, was het hen ook niet gelukt. Dus een fooi had de man verdiend. Echter, de wending kwam toen de heren een redelijk bedrag wilden geven en het mannetje en zijn vrienden dit veel te laag vonden. Een heftige discussie ontstond, maar de mannen hielden stand. Gerrit gaf het geld aan het mannetje, maar deze vond het echt te weinig en weigerde het geld aan te nemen. Dan deed ie het liever als een vriendendienst. Ook goed en de heren vertrokken. Het nummer voor Mark z'n dynamo kwam pas toen alle kantoren dicht waren en dus werd besloten het morgen nogmaals te proberen. Ian moet morgen ook weer heen want het is met zijn motor ook nog niet gelukt. De Auberge is goed. We nemen ieder een kamer en het is heerlijk koel hierbinnen. De douches zijn war, dus vanavond niet kamperen maar wat luxe, ook helemaal niets mis mee. De avond afgesloten met het eten van een pizza even verderop en morgen zien we weer verder.
24 en 25 november 2009 De volgende ochtend gaan Gerrit en Mark weer naar het vliegveld om te kijken of ons pakketje (dynamo) is binnengekomen. Met een vrachtbriefnummer in de hand wordt het vervoersbedrijf gezocht. Deze wordt niet direct gevonden. maar de heren wel door de 'vrienden' van gisteren met het halen van het pakketje van Gerrit. Ze lijken niet kwaad en zelfs heel erg vriendelijk. Er worden handen geschud en het circus kan opnieuw beginnen (maar de heren waren nu voorbereid en hadden hun strategie bepaald). Met het nummer op zak, gaat het mannetje op zoek, maar niemand die schijnt te weten waar het pakketje is. Uiteindelijk wordt aangegeven dat het waarschijnlijk pas morgen komt en dat Mark beter overmorgen kan terugkomen. Er wordt met Nederland gebeld en daar wordt bevestigd dat het inderdaad nog niet in Dakar is. De heren keren dus snel terug. Omdat we nu langer in Dakar moeten blijven, wordt besloten een andere overnachtingsplek te zoeken (auberge is relatief toch duur) en 's middag staan we op een campingveld direct aan zee, nog dichter bij het vliegveld. Gerrit bouwt zijn water afscheider in en we genieten van het uitzicht. Maar dan komt het vervelende bericht: de dynamo is zoek geraakt in Istanbul (turkish airways) en niemand die weet waar en dus hoe lang het duurt voordat de dynamo in Dakar is. Wat nu te doen? Gerrit en Jorina staan op tijd en willen verder. De auto wil nog wel starten, maar de accu's raken natuurlijk wel steeds leger. Het is namelijk al 5 dagen dat de dynamo stuk is. We besluiten samen met Gerrit en Jorina verder te reizen en de volgende dag naar Gambia te rijden. We hebben dan een reisgenoot c.q. auto die ons kan helpen als de accu het begeeft en in Gambia is een Landrover garage. Qua kilometers is het goed te doen, maar de stad uit vergt veel tijd (zie hiervoor) en we besluiten zodra het licht wordt te vertrekken.
26 november 2009 Om 7 uur vertrekken we via Kaolack naar Gambia. Op de kaart was er nog een kortere weg gevonden, maar die zou via pistes gaan. Halverwege zulle we wel beslissen wat te doen. Eerst Dakar uit. De stad Dakar uit gaat een stuk sneller dan verwacht en we zijn allen opgetogen. Net buiten de stad gaan we tanken. Als we klaar zijn, wil Maatje niet meer starten. De accu heeft zijn dieptepunt bereikt en is te leeg. Met startkabels wordt Maatje aan de praat gebracht en we rijden verder. Doorrijden en niet meer de motor afzetten, wordt de tactiek om Gambia te halen. Dan begint de koppeling te haperen. Er lijkt geen druk meer te zijn. Mark had een paar dagen geleden dit al aangevoeld en met Emiel gebeld hoe dit op te lossen. Dus auto aan de kant, toch maar even de motor afzetten en onder de auto. Er zit lucht in de leiding en die moet via een aftapje bij de koppelingscilinder worden ontlucht. Snel gefikst en we kunnen weer op weg met behulp van de startkabels. Inmiddels hebben we besloten de verkorte route via de piste toch maar niet te nemen en op de weg te blijven. Niet veel later roept Gerrit via de portofoon dat zijn motor is afgeslagen. Midden in het dorp, kruipt hij onder de motorkap. Een senegalees kruipt met 'm mee. Het is weer de waterafscheider die lekt. Al balend bouwt Gerrit 'm er weer uit, vriendelijk geassisteerd door de ongevraagde senegalees. Na 5 minuten vervolgen we onze weg, nog steeds op weg naar Gambia. Het zit niet helemaal mee, maar we komen steeds dichter bij. De motor van Maatje blijft intussen rustig draaien en alles gaat goed. Op de kaart stond een goede weg van Kaolack naar de grens van Gambia, mar die zijn ze dan toch echt vergeten aan te leggen. Het eerste stuk gaat via een zandweg langs de nieuwe in aanleg zijnde asfaltweg. Na kilometers stof happen is dan eindelijk asfalt in zicht. Hoewel, de straat is zo slecht en zo vol met gaten, dat er niet fatsoenlijk over heen te rijden is. We rijden dan ook vaker naast de weg dan er op. Het gaat niet snel, maar we komen vooruit.
10 km voor de grens met Gambia is er dan eindelijk weer 'gewoon' asfalt. Mark wil stoppen om het asfalt te kussen, maar Gerrit spoort aan tot door rijden, want we zijn nu toch wel heel veel tijd verloren en we moeten de grens nog over en de veerboot. Aan het eind van de middag komen we aan bij de grens met Gambia. We ervaren gelijk dat we in Gambia zijn, iedereen spreekt je aan en wil van alles aan je verkopen de mensen zijn veel brutaler en raken je veel aan om aandacht te krijgen. Het is even wennen maar men spreekt Engels dus is het makkelijker om aan te geven dat je niet wilt dat ze aan je komen en dat je veder wilt rijden. Er was zelfs een meisje die Marga's tas van haar schouder wilde halen en aangaf dat zij die tas wilde. Waarop zij heel duidelijk maakt dat dit niet de bedoeling is. Vervolgens kwam er excuus en konden we verder. Een chaos grensovergang: erg druk en veel mensen die aan je lopen te trekken (soms letterlijk). De douane wil dat we eerst naar de politie gaan, maar die wil dat we eerst bij de douane langsgaan. Uiteindelijk stempelt de politie ons paspoort, de douane vind alles best en wij dus ook. We rijden door en schrijven ons in bij Gambia. Daar wordt de auto grondig onderzocht: alle kastje moeten open en alles moet worden uitgelegd. Uiteindelijk vindt de douanier de spekjes lekkerder dan de dropjes en we mogen door. Binnen een half uur rijden we Gambia binnen met een voorlopig invoerbewijs voor de auto. Deze moeten we in Banjul verlengen. Vanaf de grens is het nog een klein stukje naar de boot. Onderweg nog een politiecontrole en kaartjes kopen voor de boot. Maatje blijft overal lekker ronken en ons einddoel komt in zicht. Nog even de veerboot en we zijn er. Als we bij de boot aankomen gaat er net één weg. De volgende wordt volgeladen met schapen voor het offerfeest en dus is het voor ons wachten op weer de volgende.
Maatje blijft ronken, maar de accuspanning wordt toch wel erg laag: de lampen doen het niet meer en de metertjes geven ook niet meer aan hoeveel diesel we nog hebben of hoe warm de motor is. Mark besluit al vast voorzorgsmaatregelen te nemen, en bindt een sleeplint voor aan de auto, zodat in nood, Gerrit Maatje van de boot kan trekken. Na een half uurtje wachten komt de boot en in een mengelmoes van mensen, schapen en complete bankstellen op loopkarretjes, rijden we de boot op. Maatje ronkt nog steeds. We moeten in de auto blijven zitten, want er is eenvoudig geen ruimte meer om de deuren open te doen. Met hete cola en een beetje verkoeling van de rivier varen wij naar de overkant. Maar eenmaal van de kade, vindt Maatje het mooi geweest en stopt de motor abrupt. We wachten gelaten tot de boot aan de overkant aanmeert en zien dan wel weer verder. Na 3 kwartier zijn we aan de overkant in Banjul. Zodra de hekken van de boot open gaan, stormt iedereen van de boot, behalve de mensen naast en achter ons, want wij blokkeren de afrit. Dit gaat natuurlijk gepaard met een hoop geschreeuw en gejoel. Marga en Jorina springen uit de auto, pakken het sleeplint terwijl Gerrit zijn auto zo goed mogelijk voor Maatje probeert te krijgen. Met de Nissan voorop en Maatje aan een touwtje, rollen we de boot af, waar we even verder stoppen. Het is inmiddels donker en we hebben nog een half uur te rijden, maar Maatje heeft geen lampen meer, behalve de ver- en breedstralers die via de huishoudaccu lopen. Dit zou voor Afrikaanse begrippen genoeg moeten zijn, maar we besluiten toch maar de accu's met elkaar te verbinden en kijken of we er nog een beetje leven in kunnen krijgen. Na 20 minuten 'pompen', begint Maatje te leven en hebben we zelfs licht. We springen in de auto en gaan op weg naar de camping, waar we 's avonds om acht uur aankomen. Een lange, heftige en vooral warme dag, die we afsluiten met een koude cola en een soepje.
Klik hier voor foto's van Senegal
Senegal deel 2
12 en 13 december 2009 Om van Gambia naar Mali te reizen moeten we weer door Senegal. Vandaag niet zo ver gereden: van Tambacounda naar Goudiri zo'n 120 kilometer. Het doel was een rustig plekje zoeken om een wasje te doen en de auto van binnen schoon te krijgen. Het is leuk in Afrika dat al die mensen een praatje met je willen maken, maar af en toe een plekje voor je alleen leek ons wel wat. We reden langs een Hotel/camping en zijn hier eens gaan kijken of er zo'n plekje zou zijn. Nou dat was er! We zijn de enige gasten en we hebben nog niet zo'n rustig plekje gehad, heerlijk!!! De middag besteed aan de dingen die moesten gebeuren en lekker potje gekookt. De volgende dag zijn we ook nog gebleven. Morgen rijden we naar Mali.
En omdat we over deel 2 Senegal reis verder niet zoveel te vertellen hebben, dan maar eens een verhaaltje over het leven in Afrika, d.w.z. ons leven hier in Afrika. De dag begint meestal rond een uur of 7 (ook zonder wekker). Soms ontbijten we, soms halen we onderweg een broodje. Het brood is overal te koop en bestaat meestal uit een stokbrood (soms langwerpig, soms vierkant). Het beleg bestaat uit jam, chocopasta en kaas van 'le vache qui rit', wat overal in kleine winkeltjes te krijgen is. In de grote steden zijn er supermarktjes waar we pasta, rijst, witte bonen in tomatensaus en blikjes vis of ham inslaan. Het diner is zeer gevarieerd, zoals jullie zien :-). Cola en water is ook overal te koop net als fruit en groente. Dit kopen wij meestal onderweg tijdens het rijden bij één van de vele stalletjes die we tegenkomen. We halen meestal een mix van appel, sinaasappel, ananas en banaan. Wat groente betreft is het wat beperkter, maar aardappels, uien, paprika en knoflook zijn over het algemeen goed te krijgen. En soms een soort van courgette die qua smaak wel wat weg heeft van een augurk. Ongeveer één keer per week eten we buiten de deur. Meestal bij het restaurant van de camping/auberge, soms bij een restaurantje even verderop (Europese eigenaar). Ook sigaretten zijn overal te krijgen, hoewel je daarvoor vaak wel meerdere stalletjes af moet om een beetje voorraad te hebben. De meeste verkopers zijn namelijk gewend sigaretten per stuk te verkopen en niet zoals wij per pakje (hebben ze dan net 1 of 2 van) en al helemaal niet per slof. Als we rijden, doen we dat aan de hand van routes en waypoints van anderen. Samen met de kaart bepalen we dan waar we heen willen of hoe ver we gaan, maar soms zoeken we ook gewoon iets. Campings zijn veruit onze favoriet: je eigen plek, je eigen 'Maatje' als huis en alle spullen bij de hand. We rijden eigenlijk alleen overdag en stoppen op tijd om een plek voor de nacht te zoeken. Als we niet reizen doen we een wasje, boodschappen, lezen een boekje, wandelen we in de omgeving, bepalen en plaatsen de nieuwe route in 'miepie' of 'klungelen' wat aan de auto. Maatje wordt elke dag op olie, koel-, rem-, en koppelingsvloeistof nagekeken. Na een heftig dagje piste rijden, worden ook leidingen, banden e.d. bekeken, vaak in combinatie met vegen en poetsen om al het zandstof uit de auto te halen. 's
avonds wordt het rond een uur of 7 donker. We steken dan een wierrookje
of anti-muggen kaarsje aan, praten nog wat en bouwen om een uur of 9
onze klamboe tent in de auto op en doven dan onze lampjes.
14 december 2009 Vandaag gaan we naar Mali. Het is een een klein stukje rijden naar de grens van Senegal en Mali. Vlak voor de grens stonden we achter een rij achter met allemaal vrachtauto's. O nee dachten we, niet weer een hele dag over een grensovergang doen. Maar nee hoor, dat viel allemaal wel mee. We moesten 1000 CFA (is ongeveer 1,50 euro) lokale belasting betalen en konden daarna direct doorrijden voorbij al die vrachtauto's. Aangekomen bij de slagbomen dachten we nou dan zal dit wel de grens zijn? Een aardige politie man vertelde dat we eerst het dorp in moesten naar het hoofdbureau van politie waar onze paspoorten een stempel zouden krijgen. Hij wees dat we naar links moesten daar ergens???? Okay gaan we maar zoeken. Was de weg ook nog afgesloten, maar na 5 minuten hebben we het gevonden. Er waren veel mensen dus dachten we dat wordt weer lang wachten, maar nee hoor na nog geen 10 minuten werden we geroepen en kregen we onze uitrij stempel en wenste ze ons een goede reis. Toen weer terug naar de eerste politiepost. Deze keek nog even naar de verse stempel en we konden gaan. Op naar de douane aan de overkant van de brug. Ook hier een korte blik naar onze stempel, inleveren van het invoerbewijs van de auto en we konden naar de gres van Mali, een paar kilometer verderop.
Senegal deel 3
8 en 9 februari 2010 De volgende morgen hangen we een beetje rond en overleggen over het vervolg van de route. De informatie over de staat van de weg is verdeeld: de één zegt dat de weg goed is, een ander vindt 'm slecht. De één heeft 'm drie jaar voor het laatst gereden, de ander vier. Omdat het een mooie route moet zijn, waar onderweg ook nog wat is te zien, besluiten we rustig aan te gaan rijden en te stoppen bij leuke plekken, te beginnen bij het fort aan het begin van het dorp. We lopen bij het fort wat rond en maken foto's om vervolgens verder te rijden en onderweg nog wat boodschappen te gaan doen.
De weg blijkt precies te zijn zoals alle mensen te samen voorspelt hadden: het was goed en slecht. Grote delen waren goed en konden we lekker doorrijden, maar er waren ook delen heel slecht waar het tempo dus ook laag lag. In de middag komen we aan bij Matam. We onderhandelen wat over de prijs van de (veel te dure) camping en installeren ons op de binnenplaats. Inmiddels zijn bij Maatje al twee keer de zekeringen door gebrand van de ventilator en na telefonisch contact met Dakar wordt geconstateerd dat waarschijnlijk de ventilator kapot is. Mark bouwt de ventilator uit Maatje en loopt ermee het dorp in, op zoek naar een andere. Bij de enige garage wordt geen andere of nieuwe gevonden, maar wel één in een paar delen. Na een paar uurtjes komt Mark met een monteur terug met een werkende andere ventilator. De monteur kijkt nog aandachtig hoe dit bevestigd moet worden en omdat het inmiddels alweer donker wordt, morgen terug te komen met de geschikte materialen. De rest heeft zich inmiddels bezig gehouden met het maken van het avond eten. De volgende morgen keert de monteur weer terug en regelt nog een paar beugels voor het bevestigen van de ventilator. De monteur wordt vriendelijk bedankt en betaald. De heren besluiten toch nog een keer naar de door hun vervangen elektra te kijken. De heren constateren namelijk dat de draden en dus de zekeringen in de zekeringhouder erg heet worden en daarom ook wel eens sneller kapot kunnen gaan. Met Nederland wordt gebeld en gezocht naar een verklaring maar iedereen komt met dezelfde oplossing (en dus geen verklaring) van wat de heren hebben gebouwd en dus goed hebben gedaan. Na de lunch nemen de heren Maatje meevoor een proefreis en gaan direct op zoek naar extra zekeringen, voor het geval dat. Na een paar uur komen ze terug, zonder zekeringen. Het dorpje en het volgende dorpje blijken te klein voor zulke spullen. Zelfs de monteur van de ventilator die zij nog tegenkomen in het dorp en die ook voor de heren gaat zoeken, komt met lege handen terug. Ook wordt er door hun gezocht naar het bijvullen van de gasfles, maar die blijkt gesloten. Morgen gaan we verder zoeken.
10 t/m 17 februari 2010 Vandaag bijtijds op pad. Eerst terug naar het dorp voor het bijvullen van de gasfles, maar die blijkt nog (steeds) gesloten. We rijden verder richting St. Louis en zien wel wat we onderweg nog tegenkomen. De weg is mooi en rustig. De kwaliteit van het asfalt is goed me af en toe een pothole. Onderweg tanken we de auto's, halen brood en rijden verder. Het landschap varieert enorm: suikerriet plantages, zandvlaktes met 'veluwe'-achtige omgevingen en grote vlaktes met niets tot aan de horizon. Op deze vlaktes staan ook ineens een paar tenten van het rode kruis (geen idee waarom) en zien we meerdere windhozen.
Het laatste stukje weg naar St. Louis is weer slecht. We stoppen nog een keer om een kapotte zekering van de ventilator te vervangen. Aan het eind van de middag komen we weer aan bij de Zebrabar. We proosten met elkaar op het terras en genieten van het eten uit het restaurant. maken in de avond een kampvuurtje en slapen die nacht heerlijk met zee geluiden op de achtergrond.
De volgende dag kijken de heren weer naar de zekeringen en besluiten de 'oude' standaard zekering weer in te bouwen i.p.v. de sterkere, maar parallel geschakelde. Even later komt Andy (de Engelse motorrijder) aanrijden. We kletsen wat bij over de reis naar St. Louis en hij verteld ons dat hij op een prachtige camping direct aan het strand staat met internet, dichterbij de stad en nog goedkoper ook. We besluiten de spullen op te pakken en naar de andere camping te rijden. We rijden door de stad door en komen vast te staan in de file. We moeten namelijk een brug over die momenteel in onderhoud is. Dus dat betekent één baan voor al het heen-en-weer verkeer. Dat, in combinatie met de Senegalese rijstijl van '5 rijen dik kan ook', op en rotonde en geen agent die het wil of kan regelen en de boel zit al snel vast. Daartegen over staat dat dezelfde Senegalese rijstijl er altijd wel iemand het heft in handen neemt en het begint te regelen en na 10 minuten voegen we van 5 rijen weer naar 2 en vervolgens 1 en we rijden over de brug, waar we de werkeloos toekijkende agenten bij de wegwerkzaamheden zien staan. We rijden via een typisch Afrika straatje naar het eind van het schiereiland naar de strandcamping l'Ocean.
Met 29 graden is het voor ons hier een stuk frisser en in de avond zitten we zelfs met dikke trui en lange broek aan te eten!
We pluggen de computers aan het internet en gaan op zoek naar info over andere reizigers waar we mee door Mauritanië willen rijden. Ook sturen we een email naar de Nederlandse ambassade over de 'condities' in Mauritanië. We krijgen al heel snel antwoord dat het reisadvies is aangescherpt tot niveau 5 en we worden dan ook verzocht niet met de auto te gaan rijden. en dat de route die wij willen nemen sterk wordt afgeraden, sterker nog, ze adviseren ons de auto op de boot te zetten! Dat is even schrikken. In de avond bespreken we met elkaar wat te doen. We besluiten de volgende dag verdere info te gaan zoeken, te wachten op mensen die net uit Mauritanië aankomen, alternatieven te zoeken en dan een besluit te nemen. We eten weer met een dikke trui en lange broek. De volgende dagen staan in het teken van mailen, googel en wachten op antwoord. We zette vragen uit naar andere reizigers, informeren naar mogelijkheden van auto's in containers op de boot en de situatie van de huidige gekidnapte touristen. Na een paar dagen hakken we de knoop door: we gaan niet rijden door Mauritanië en zetten de auto's op de boot vanuit Dakar naar Nederland. Gerrit en Jorina zullen vanuit Dakar met het vliegtuig terug naar Nederland vliegen. Wij zijn niet van plan terug te gaan naar Nederland en zoeken naar mogelijkheden van vliegen naar andere locaties en huren van auto's. We moeten alleen nog beslissen wanneer we de auto op de boot zetten; zo snel mogelijk of nog wat weken in Senegal verblijven en later verschepen. Verder slijten we de dagen in St. Louis (oud frans koloniale uitstraling, vissersstad) en het kopen van een paar bijzondere souvenirs. We beginnen al te grappen van grote partijen te kopen, want we hebben nu toch genoeg ruimte met de auto op de boot :-). En omdat Gerrit toch enigszins goed voor de dag wil komen bij thuiskomt, knipt Marga zijn haren op de camping. Maar ook het haar van Jorina en Mark.
Kortom: het besluit voelt goed en hoewel een beetje jammer, zeker niet rouwig. Mede ook omdat het weer in Marokko (regen en overstromingen) en al helemaal dat van Europa niet echt uitnodigt om terug te rijden. Eén van de laatste dagen in St Louis besluiten we de andere kant van het schiereiland te gaan bekijken. Na een paar minuten rijden houdt het asfalt op en rijden we via onverharde wegen verder. Totdat we bij een klein pad komen. Geen idee wat er achter ligt, maar ver kunnen we niet meer komen want we naderen het einde van het schiereiland. Het strand lonkt en we rijden gewoon verder. We hebben per slot van rekening toch 4x4's. Via een paar kleine hobbeltjes komen we bij het strand. Maar net als we het strand op willen rijden, begint Maatje te verzakken (te weinig snelheid). Een paar keer heen-en-weer rijden in de lage gearing, lukt het Mark de auto verder te krijgen en rijden we het strand op en parkeren de auto naast de Olifant. We maken wat foto's en genieten van het uitwaaien.
De toegesnelde verkopers (ze zijn er overal) stallen hun koopwaar weer en er wordt (uiteraard :-) weer wat gekocht. Het is mooi geweest en we willen weer verder. Maar Maatje komt niet vooruit. En ook niet achteruit. Ondanks de 4x4, low gearing, Maatje graaft zich steeds dieper in het zand. We laten lucht uit de banden en beginnen de auto zoveel mogelijk vrij te graven. Ook plaatsen we voor elke band een rijplaat, maar Maatje wil niet vrijkomen.
Inmiddels hebben we ook een hoop lokaal volk aangetrokken en deze beginnen zich met alles te bemoeien en doen voorstellen over hoe het zou moeten. Er is er zelfs één die zijn rijbewijs toont om aan te geven dat hij ervaring heeft en dus de beste oplossingen (not!). Er worden nog enkele pogingen gedaan, waarbij zelfs 6 man Maatje uit haar benarde positie proberen te duwen, maar Maatje blijft lekker zitten. Twee van de banden hebben te weinig grip en draaien een beetje doelloos rond. Ook bij diff. lock wil Maatje met haar andere twee banden niet vrij komen. Na elke poging wordt de situatie weer opnieuw bekeken en komen er wel zes verschillende (onzinnige oplossingen). Intussen begint Marga zich ook wel een beetje ongerust te maken, want zij ziet het water enigszins richting auto komen (vloed) en heeft weinig zin om met Maatje als kano af te drijven (maar daar hadden we nog uren tijd voor, al is de vraag of het water ooit zo ver zou komen). Kortom, Mark moet z'n kop er goed bij houden, want er zijn dan misschien wel acht kapiteins, maar er is er uiteindelijk maar één de baas! De Olifant wordt voor Maatje geplaatst en met kinetisch touw geprobeerd los te trekken. Maar ook dan graaft de Olifant zich in. We gaan eerst de Olifant bevrijden door 'm eerst vrij van het zand te graven en dan de rijplaten ervoor. Met een hoop gas weet Gerrit de Olifant uit het zand te rijden en rijdt 'm gelijk door naar de harde ondergrond Eén vrij, nog één te gaan: Maatje. Het beste blijkt toch Maatje voorzichtig omhoog te krikken en twee van de wielen vaste grond te bezorgen. En hoewel we heel voorzichtig te werk gaan en iedereen waarschuwen voor de gevaren en zijn vingers, raakt er toch één met zijn vingers klem tussen de krik en de auto. We stoppen direct met graven en verzorgen de jongen. Hij heeft niets gebroken, maar is erg geschrokken. We geven eerste hulp en bieden aan met hem naar de dokter te willen om zeker te zijn dat hij niets inwendigs heeft gebroken. Maar eerst de auto uit het zand. Graven blijkt het devies.
Gewoon net zo lang graven totdat Maatje nergens meer de grond raakt. Verder krijgt elk wiel rijplaten en zijn er inmiddels acht man aan het duwen. Met de laatste krachtsinspanning van allen komt Maatje tenslotte langzaam vrij en rijdt Mark haar naar veilige bodem. Iedereen blij en opgelucht. Alle mannen pakken wat spullen en beginnen die naar Maatje terug te slepen. Omdat we de mannen erg dankbaar zijn, delen we de laatste kado's die we nog hadden aan de mannen uit. Tot slot hadden we nog de 'gewonde jongen'. Hij wil niet naar de dokter, maar blijft sip kijken. Bij navraag blijkt dat hij het zwembad bij een nabij gelegen hotel schoon maakt en bang is voor zijn baas en zijn baan. We besloten de jongen terug te brengen naar het hotel waar hij werkt en te gaan praten met zijn baas, zodat hij zijn baan zou behouden. Hij had per slot van rekening ook het hardst gewerkt van allen. Bij het hotel aangekomen, lijkt de baas inderdaad een stuk chagrijn. Maar al snel blijkt dat de baas ongerust was en al een tijdje naar de jongen op zoek was en eigenlijk alleen boos was dat de jongen weg was gegaan zonder iets te zeggen en dat het zo lang duurde. Mark legt de situatie aan de baas uit en de dank voor zijn werk en al snel draait de baas bij. Na vijf minuten zit de baas de vinger van de jongen met alle grappen en grollen in te smeren en te verbinden en komt alles goed. Terug op de camping stromen de mails met offertes inmiddels binnen van verschepen naar Europa. De prijzen vallen nog best tegen. Totdat we donderdag een mailtje krijgen met een ongelooflijk goed aanbod, maar dan moeten we wel de volgende dag in Dakar zijn omdat we dan al verschepen. We overleggen kort en besluiten het aanbod aan te nemen (scheelt duizenden euro's) en beginnen de auto's in te pakken. Grote uitdaging is de spullen uit de auto in tassen te stoppen omdat we verder willen reizen. Maar 's avonds zijn we klaar en gaan vroeg op bed om morgen om 5 uur(!) te vertrekken naar Dakar.
18 februari 2010 Om half zes rijden we weg bij de camping op weg naar Dakar en de haven. Halverwege bellen we de verscheper in Nederland dat we het aanbod accepteren en onderweg zijn. Vlak voor Dakar horen we dat het uitladen van de boot vertraging heeft en wij pas morgen de auto op de boot hoeven te brengen. Wel moeten we die middag de formaliteiten alvast regelen. We krijgen een adres van het kantoor in Dakar door en rijden daar heen. Daar ontmoeten we de manager director van de Senegalese vestiging van de verscheper en ons 'mannetje' die alle papieren voor de douane en export zal regelen. We betalen de lokale kosten en het mannetje gaat op pad. De auto's kunnen we zo lang op een bewaakte parkeerplaats zetten terwijl wij gaan lunchen. Daarna pakken we de auto's voor het laatst leeg met de spullen die we bij ons willen houden en bereiden we de auto voor op verscheping (koelvloeistof met anti-vries, water uit de watertanks, enz. ). Aan het eind van de middag krijgen we een gehaast telefoontje dat we de auto's toch vandaag door de douane moeten halen en rijden we de haven op. Daarna vertrekken we met de taxi naar een Auberge verderop in de stad.
19 februari 2010 De volgende morgen moeten we om 11 uur bij de haven zijn om onze sleutels voor de auto's in te leveren en mogen we foto's maken van het inschepen van de auto's. We zijn ruim op tijd en lopen een beetje over de haven.
Bij de boot waar onze auto op komt (Jigawa 2), staat een man, Dennis genaamd, en die blijkt een Nederlander te zijn. We praten wat en hij nodigt ons uit aan boord. We drinken koffie en thee in de 'kantine' en worden voorgesteld aan de kapitein. De kapitein nodigt ons uit op de brug en we krijgen een uitgebreide uitleg van alles wat we willen weten.
De kapitein en de Nederlander vragen vervolgens ons veel over onze reis. Zij willen namelijk ook een keer zo'n reis maken. Tegen lunchtijd staat de kok er op dat we mee eten. Het wordt gezellig! Ondertussen doen we nog een belletje naar onze verzekeringsadviseur in Nederland voor een transportverzekering. Binnen een half uur is dit geregeld. Top! In de middag krijgen we telefoon dat onze auto's eindelijk door de douane zijn en nu ingeklaard kunnen worden. We doen de deur van Maatje nog één keer open voor officiële nieuwsgierige oogjes (douane) en sluiten 'm dan voor de laatste keer goed af. Dan krijgen we ook het aanbod om de auto zelf op de boot te rijden. Dit vinden we leuk, dus we blijven nog even. Om de tijd te doden wil Mark wel wat gaan doen. Dennis zegt dat de boot nog wat schilderwerk nodig heeft en Mark neemt het aanbod aan.
Even later staat Mark met verlengstok en roller de boot te schilderen. Marga maakt ondertussen foto's, totdat en beveiliger van de haven plots ruw het fototoestel afpakt en in beslag wil nemen. We duiken boven op de bewaker en vragen wat hier de bedoeling is. Zelfs de bemanning van de boot hielpen me, maar de beveiliger bleef het toestel vasthouden en gaf aan met hem mee te komen. Met z'n 3-en liepen we met de man mee, ondertussen door de bemanning en kade personeel gewaarschuwd vooral geen geld aan de man te geven. Mark belt intussen ook met onze regelaar en de baas van de laders van de rederij. De beveiliger loopt ondertussen rustig weg, op de voet gevolgd door ons. Als de beveiliger een loods waar hij met ons in wil niet in mag, loopt ie naar zijn kantoor. Inmiddels zijn ook onze regelaar en helper van de laders bij ons gevoegd. Met z'n 5-en wringen we ons in zijn kantoor, waar de helper en de regelaar flink in lokale taal op de beveiliger inpraten. Wat blijkt: de man was verbaasd omdat wij alleen binnen zouden komen om de sleutels af te leveren en ziet ons uren later met een foto's maken op de kade (hij doet gewoon ze werk, alleen een beetje erg fanatiek). We geven aan de foto's te wissen en laten 'm zien hoe wij 2 foto's wissen (helaas die van het schilderen) en behouden de rest. Vijf minuten later lopen we weer op de haven. Nu echter met de belofte aan onze regelaar bij onze auto's te blijven en niet overal rond te lopen. Na een half uurtje braaf wachten en een beetje rondkijken (alleen kijken!) komt Dennis met de mededeling dat het nog wel even duurt voordat de boot is gelost. En we worden uitgenodigd voor het avond eten. Na overleg met de kapitein wordt besloten de auto's alvast op de boot te zetten, want één dek is inmiddels al wel leeg. Dennis nodigt ons verder uit om op de boot te blijven te wachten i.p.v. op de kade. De heren starten de auto's en rijden deze voor de laatste rit op Afrikaanse bodem de boot in. De volgende rit in de auto's is weer n de haven van Delfzijl.
Binnen krijgen we weer koffie en thee en bekijken we met Dennis en anderen de foto's van onze reis. Vlak voor het avondeten zijn dan ook alle papieren geregeld en overhandigt ons 'mannetje' ons deze. De auto is nu officieel ingescheept en onderweg naar Nederland. We eten nog een keer mee en nemen hartelijk afscheid van Dennis en de anderen en laten Maatje met een gerust hart achter op de boot. We pakken een taxi naar ons hotel en gaan met een tevreden gevoel terug. Onderweg worden we gepasseerd door een klein 4x4 autootje. De man begint druk te gebaren en onze aandacht te trekken. Als we ons hoofd (al rijdend) een beetje uit het raam houden, blijkt dat hij de auto aan ons wil verkopen. Al rijdend begint hij te schreeuwen over alle opties op de auto en dat hij ons een goede deal zal maken. Vier 'toubabs' in een taxi kan blijkbaar niet. Die moeten eigen vervoer hebben of zo :-)
20 t/m 22 februari 2010 Vandaag gaan we relaxen. Tenminste, dat was de bedoeling. Tegen 11 uur komt de eigenaresse van de Auberge Via Via vragen wanneer we echt vetrekken. Het blijkt dat de Auberge vol is geboekt en er voor ons geen kamers meer zijn. Ze weet nog wel een andere en belt snel of er plek is. Binnen 10 minuten zijn we gepakt en staan op straat wachtend op een taxi. Die brengt ons naar de andere Auberge Poulagou. Een prachtige plek direct aan het strand, met uitzicht op de lokale vissersboten en wederom met gratis internet. We werken de site bij en gaan verder weinig doen. Behalve nadenken wat we nu verder gaan doen. Maandagavond hebben we Gerrit en Jorina uitgezwaaid voor hun zit de reis erop. Tijdens onze reis hebben we veel samen met hun gereisd en hebben een erg leuke tijd gehad.
23 februari 2010 We zijn eruit wat we gaan doen. We willen in elk geval nog niet terug vliegen. We hebben nog 2 maanden en het weer is te slecht in Europa. We hebben besloten om naar Kenia te gaan, niet met de auto want die staat op de boot. We blijven deze week nog in Dakar en vliegen zondag voor 23 dagen naar Kenia.
We weten niet of we in Kenia de website makkelijk kunnen bijhouden. Maar gaan het in elk geval proberen.
Klik hier voor foto's van Senegal deel 3
Klik hier voor foto's van Senegal deel 4
Klik hier voor reisverhalen Kenia
|
|
M&M |